K A R I B U !!

in het land van

H A K U N A - M A T A T A !

 

Voorwoord

In Mei 1995 zijn enkele leden van de projectgroep Kenia namens de vereniging Wereldkinderen drie weken op werkbezoek geweest in Kenia. Dit reisverslag is geschreven door Martin Bouwmeester, één van de deelnemers. Het beschrijft van dag tot dag mijn persoonlijke indrukken en ervaringen. Ook heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de aantekeningen uit het dagboek van mijn echt- en reisgenote Marieke. De overige deelnemers aan de reis waren: Bert en Marijke Rieks, beiden vanaf het eerste begin lid van de projectgroep en reeds ervaren Kenia-reizigers. Jokeline Rieks, de oudste dochter van Bert en Marijke en ook lid van de projectgroep. Zij heeft enkele jaren geleden voor haar studie een half jaar stage gelopen in Kenia en wilde nog graag een maal (?) terug. Carmen Rieks de jongste dochter van Bert en Marijke nam prive deel aan de reis. Marieke en ik zijn al weer tien jaar lid van de projectgroep. In al die jaren hebben we veel over Kenia gehoord, gelezen en gezien. We waren er echter nog nooit geweest. Er was altijd wel iets wat ons tegenhield: een baby op komst, kleine kinderen, oppas, grote kinderen, financien, te weinig vakantiedagen, smoesjes...? Angst...?


Dit jaar hebben we mede met het oog op de continuteit in de projectgroep de knoop doorgehakt en besloten om te gaan. Onze drie dochters gaan nu allen naar de basisschool, hetgeen het regelen van oppas overdag wat eenvoudiger maakt. Vrienden van ons waren zelfs bereid om met hun eigen kinderen bij ons thuis te komen wonen. Een betere regeling konden we ons niet wensen. En dan na maanden van voorbereiden, plannen, corresponderen, organiseren, inentingen en 'boeken' is het eindelijk zo ver!

Even vooraf, hoe zit het nu ook alweer precies met de projecten in Kenia? De projecten in Kenia bevinden zich in twee gebieden. Een project ligt in het westen van Kenia nabij het Victoriameer. Een voormalig weeshuis in het plaatsje Ahero vormt de oorsprong van het huidige Nyamika project. Het andere project ligt in het midden van Kenia ten noordoosten van de berg Mount Kenia. Nabij de plaats Meru ligt een zeer schraal en armoedig gebied met de naam Mutino. Dit project is vernoemd naar deze streek: 'Mutino Friends'. Stuwende kracht achter Mutino Friends is de Keniaan Japheth Mitugo. In 1991 volgde hij een internationale cursus van tien maanden aan de Landbouwhogeschool in Deventer. Wij waren toen zijn gastgezin. Bij terugkeer heeft hij dit project in Kenia opgestart.

In beide gebieden is de organisatie volledig in handen van Kenianen. Daartoe hebben ze zich georganiseerd in een soort sternetwerk. Vanuit de omliggende gehuchten wordt iemand afgevaardigd naar het dorpscomite. Daar worden de problemen in de buurt besproken. De ernstige gevallen worden door de afgevaardigde van het dorp meegenomen naar het centrale comite. Daar wordt in onderling overleg besloten wie het meest voor hulp in aanmerking komt in de hele streek. In Ahero werkt men sinds kort ook met subcomites. Ieder subcomite heeft een eigen aandachtsgebied zoals: lagere school, schoolverlaters of gezondheidszorg. Ieder subcomite werkt met een eigen jaarplan en budget, welke in principe naar eigen inzicht kan worden besteed. In de buurt van Ahero worden ongeveer 300 kinderen individueel gesponsord via Wereldkinderen. In de streek Mutino worden ongeveer 40 kinderen gesponsord via duo-sponsoring. Ook wordt aan 40 studenten op de middelbares school de mogelijkheid geboden om een school te bezoeken door een financiele ondersteuning uit een soort studiefonds. Voor het welzijn van de kinderen in het algemeen en voor schoolverlaters zijn inmiddels diverse kleinschalige projecten gerealiseerd. Ik neem u mee naar het land van Hakuna Matata

K A R I B U ! (Welkom)
in het land van
H A K U N A - M A T A T A ! (Geen probleem)

Belgie

Het voelt allemaal nog erg onwerkelijk aan. Waarschijnlijk wordt het pas 'echt' als we in het vliegtuig zitten. De morgen brengen we door met koffers pakken en de laatste goeie-reis-en-pas-goed-opjezelf-telefoontjes. Bert en Marijke komen ons om half twee ophalen. We nemen afscheid van vrienden, toegestroomde buren (het is bevrijdingsdag dus iedereen is vrij) en uiteraard de kinderen. Even slikken, vechten tegen opkomende tranen, zwaaien en snel wegwezen. Om drie uur komen we aan op Schiphol. Bij het inchecken laten we onze zitplaatsen wijzigen. In plaats van zes stoelen op een rij hebben we nu drie maal twee zitplaatsen achter elkaar (drie raampjes). De koffers worden direct doorgelabeld naar Nairobi zodat we daar bij de tussenstop in Brussel geen omkijken meer naar hebben. Klokslag vijf uur gaan we de lucht in met een Fokker-28. Na een snelle snack landen we een half uur later alweer in Brussel. Het begint voorspoedig, maar dan! Een staking van de Belgische verkeersleiders. De meeste vluchten zijn een paar uur vertraagd. Dus mogen we zes uur lang vertoeven in de nieuwe, uiterst luxueuze, met marmer beklede hal van het vliegveld Zaventem. Maar het kan nog erger. Problemen met het vliegtuig. Een vogel is in de motor van het vliegtuig gevlogen. Reparatie is op korte termijn niet mogelijk. Onze vlucht naar Nairobi komt geheel te vervallen! Nu maken we kennis met de klantvriendelijkheid en de stressbestendigheid van het Belgische grond-personeel. Gebrekkige informatie, onduidelijke instructies, gerriteerd reageren op vragen en een aparte behandeling voor niet-blanken! Het is een complete chaos. Ten einde raad vraagt een personeelslid aan ons of we er allemaal zijn?!? We moeten ons melden voor een retourticket naar Amsterdam en een slaapplaats voor de nacht. Om half twee zijn we eindelijk in een hotel. Al die tijd hebben we niets te eten of te drinken gehad. De keuken van het hotel is ook al gesloten. De volgende morgen moeten we uiterlijk om zes uur inchecken voor de vlucht naar Amsterdam. Helaas, te vroeg voor het ontbijt.

 

Brandend zand

We vliegen terug met een Boeiing 737, met snack!. Vanaf Schiphol bellen we naar huis. Zijn jullie al geland? Ja..., in Amsterdam! Om half twaalf vertrekken we met de KLM en slechts een uurtje vertraging rechtstreeks naar Nairobi. Alle gestrande passagiers kunnen makkelijk in het vliegtuig. Het is dan nog lang niet vol. Met een gemiddelde snelheid van duizend km per uur en op een gemiddelde hoogte van tien kilometer vliegen we richting het nog 6835 km verwijderde Nairobi. Het is prachtig helder weer. We zien de aarde als een lapjesdeken met hier en daar een dotje watten erboven onder ons voorbijtrekken. Na een uur vliegen we boven Mhnchen en hebben een schitterend uitzicht over de met eeuwige sneeuw bedekte toppen van de Alpen. Om half twee krijgen we een heerlijk diner voorgeschoteld (honger?) en na een kopje koffie met Cointreau, voel ik me nu echt in de wolken. Behaaglijk zak ik onderuit. Als ik even later mijn ogen weer open zijn we inmiddels de Middellandse zee bijna overgevlogen. Er schijnt een lekker warm zonnetje door het raam. Toch is het buiten bijna 60 (!) graden onder nul. In de verte doemt vaag de kustlijn van Egypte voor ons op. Jambo (Hallo) Afrika! De komende twee uur krijgen we niets anders te zien dan zand, zand en nog eens zand! EJn onvoorstelbaar grote zandbak: de Sahara. Geen wolkje meer aan de hemel, alleen een ongenadig fel schijnende zon op het naakte zand. Brandend zand! We vliegen parallel aan de Rode Zee, ten westen van de lijn Cairo - Adis Abeba en naderen de hoofdstad van Sudan: Khartoum. Om half zeven valt de duisternis in. Alleen de bovenste wolkenlaag weerkaatst nog wat zonlicht. Daaronder is het al donker. Beneden ons zien we een mooi avondrood onder de wolken. Een half uur later is het echt aardedonker. Alleen in de verte enkele lichtflitsen. Ik zet mijn horloge EEn uur vooruit. Er worden broodjes met koffie geserveerd. We kunnen nu de lichtjes van de stad Nairobi al zien. Om half negen landen we op het Arap Moi vliegveld. Ditmaal hebben we geluk, we kunnen zo doorlopen bij de douane! Blijkbaar hebben ze ook zin in het weekend. Vrienden van Bert en Marijke staan ons al op te wachten. Ze hebben zoals afgesproken via een kennis een auto voor ons gehuurd. Het blijkt een compleet uitgewoonde, haast antieke Peugeot 504. Wat vast moet zitten (deuren, spiegels en stoelen) zit los en wat los moet zitten zit vast (ramen, ruitewissers en snelheidsmeter). Maar goed het rijdt (nog).
Hakuna Matata! Welkom in Afrika!

 

Nairobi National Park

Vandaag gaan we naar het Nairobi National Park. Om zoveel mogelijk wild te kunnen zien hebben we al om zes uur afgesproken bij de ingang van het park. Vroeg op dus. Ik heb slecht geslapen. Veel lawaai op straat, onbekende geluiden en luid gepraat naast onze kamer. Ons raam komt uit in een aangrenzend kantoortje(?) welke weer in open verbinding staat met de keuken(!). Maar na een koude douche zijn we snel weer klaarwakker. Ambrose, een exsponsorkind die nu werkzaam is op de administratie van het park, komt pas om half zeven opdagen. Hij heeft dan al een uur gelopen. Het park blijkt een te zware proef voor onze Peugeot type CCC (Comedy Capers Car). Al na een uur kookt het water in de radiator. Als we de motorkap openen verraden wat vezels en rubbersporen de plaats waar ooit een V-snaar moet hebben gezeten. Weer een uur later zit de versnelling vast in de 'twee'. Als dan even later ook nog de uitlaat doormidden breekt, besluiten we (tijdens de reparatie van een lekke band) om de volgende dag toch maar naar een andere auto om te zien. Ondertussen genieten we van de wijdse vlakten van het park. Er heerst op slechts een kleine afstand van de drukke stad Nairobi een ongekende stilte. Je hoort alleen de vogels en de krekels. Opvallend zijn de uitbundige fel geel, rood en blauwe kleuren van bloemen, vogels en vlinders. Een giraf in deze omgeving is niet meer het vreemde uit zijn vorm gegroeide beest zoals ik het ken uit onze dierentuin. Flora en fauna gaan hier 'natuurlijk' hand in hand.

 

Mzungu, Mzungu, how are you?

's-Middags gaan we bij Ambrose thuis op bezoek in Nairobi. Nairobi is erg vies en armoedig. Zeer slecht onderhouden modderige wegen met onvoorstelbaar diepe kuilen. Langs de kant van de weg staan schamele kraampjes en overal ligt afval. Er hangt in de hele stad een zware diesellucht. Het is onvoorstelbaar om te zien hoe keurig geklede vrouwen op hoge hakken tussen modder en afval door laveren. Het is haast onmogelijk om schoon te blijven door het opwaaiende stof en de dieselwolken van de gammele auto's. De vrolijkheid en vriendelijkheid van de mensen staat in schril contrast met de viezigheid en de armoede in de stad. Kinderen roepen ons na: Mzungu, Mzungu, (blanke) how are you? Een buurman die tennisleraar is had een zak vol tennisballen voor ons verzameld waarmee we de gaatjes in onze koffers hebben opgevuld.
Ik maak de fout een tennisbal te geven aan een groepje straatkinderen. Het blijkt echter een te groot bezit. Even later rollen ze vechtend over straat....
Ik heb nu al spijt dat ik geen koffer vol tennisballen heb meegenomen. Tegen de avond worden er overal houtskoolvuurtjes gestookt in jiko's. Dit zijn kleine oventjes waarop het eten wordt gekookt. Tevens geeft het wat licht en warmte want het is vrij koud. s-Avonds is het echt lJvensgevaarlijk. Gammele auto's scheuren vaak zonder licht over de slechte onverlichte wegen. Vooral de matatu's (taxi's type CCC) zijn ware doods-eskaders. Veel, vaak dronken mensen zwalken over straat of steken onverwachts over. Alleen op straat lopen is zeer onveilig. Er zijn teveel mensen die de simpele keus moeten maken tussen doodgaan van de honger, of misschien gedood te worden door een politiekogel na een overval. Het is een jungle: Eat or be eaten!

 

Tasjesdieven

Na het ontbijt van geroosterd brood, een groot glas ranja(!) en een gebakken ei, gaan Bert, George (onze chauffeur) en ik op zoek naar een andere auto. We informeren eerst bij Hertz, het duurste adres. Als we weer buiten komen worden we aangeklampt door iemand die wel een goedkoop adresje weet. Hij wil wel bemiddelen. We krossen dwars door Nairobi naar verschillende adressen. Nergens succes. We worden ongeduldig en geven hem een laatste kans. Dit keer wel beet. Het is een mooi safari-busje. Na wat onderhandelen kunnen we het huren voor de helft van de Hertz-prijs en 125 vrije kilometers per dag. Terug naar het hotel. Marieke, Jokeline en ik gaan naar het postkantoor om naar huis te bellen en postzegels te kopen. George waarschuwt ons voor tasjesdieven en staat er op dat we onze waardevolle spullen achter laten of op zijn minst goed vast maken. Lopend naar het postkantoor zie ik het labeltje van Marieke's T-shirt omhoog steken. Als ik het weg wil stoppen slaakt ze van schrik een afgrijselijke gil. De hele straat kijkt dreigend om, in mijn richting!

 

Water

's-Middags gaan we op weg naar Embu over een mooie geasfalteerde vierbaans weg. Onderweg zien we koffieplantages, mais, suikerriet, rijstvelden en zeer uitgestrekte ananas plantages van DelMonte. Om half vier komen we in Embu aan. Japheth is nog niet aanwezig dus gaan we iets drinken in een restaurantje. Even later komt George ons vertellen dat er iemand bij het benzinestation op ons staat te wachten. Het blijkt de voorzitter van het Mutino comite te zijn. Japheth komt even later zoals altijd breed lachend aangelopen. We zijn erg blij elkaar na jaren weer terug te zien. Als we weg willen rijden hebben we een lekke band. De reserveband ligt natuurlijk achterin de auto onder alle koffers. Nadat het wiel is verwisseld gaan we naar het Mini Inn hotel iets buiten Embu. Het is prachtig landelijk gelegen. Er is alleen geen water. Ze beloven ons dat we over een uur water hebben. Niet dus. Er is gelukkig wel een zwembad. We vragen of we dan even mogen zwemmen. Jawel, maar alleen als we ons eerst gedouched hebben!?
's-Avonds gaan we met z'n allen barbecuen. De voorzitter van het comite maakt kennis met de door ons meegebrachte tax-free Bokma. Hij laat zich graag bijschenken! We praten uitgebreid over de lopende projecten. Het veldhospitaaltje, het slachthuisje en de watertanks. Er worden ideNen uitgewisseld over een voorlichtingsprogramma over gezondheid en hygiNne aan moeders met kinderen; de organisatie van voedselprogramma's en een opleiding voor plaatselijke vroedvrouwen. Veel zaken worden ons nu duidelijker. Vaak mis je de achtergrondinformatie om te begrijpen waarom dingen gaan zoals ze gaan. Ook nemen we nog even het programma voor morgen door. Al met al een erg vruchtbare avond.

 

Een tweede chauffeur

Na het ontbijt ga ik met George (de chauffeur) naar de bank om Traveler Cheques te verzilveren. Als we daar zijn verschijnt plotseling ook de eigenaar van het verhuurbedrijf. Hij wil dat ik de door ons als onderpand achtergelaten Traveler Cheques verzilver. Ik vertrouw het niet en zeg hem dat de handtekening op de cheques niet de mijne is (was wel zo). Gelukkig gelooft hij dat. Terug bij het hotel willen ze de auto omruilen en een eigen chauffeur laten rijden. Bert weigert dit. De andere auto is in een veel slechtere staat en we hebben volgens afspraak al een eigen chauffeur. De eigenaar zegt dat het verplicht is in verband met de verzekering. We geloven er niets van. George had ons al gewaarschuwd voor malafide praktijken van sommige verhuurbedrijven. Nadat je betaalt hebt verdwijnt s-nachts de chauffeur met de auto, inclusief je bagage. Dus slepen we elke avond uit voorzorg alle bagage er maar uit. Om uit de impasse te komen accepteren we uiteindelijk de chauffeur op kosten van het verhuurbedrijf! George zal mee blijven reizen en de autosleutels bij zich houden. Als we om half elf eindelijk wegrijden richting Meru, hangt er een gespannen sfeer. Het is een prachtige route. Heuvelachtig met veel bananenbomen en koffieplantages. Onderweg bezoeken we een markt. Het is er erg druk. We kopen kleine rode bananen. Ze smaken iets zoeter dan de gele. Het wordt steeds warmer en het gebied steeds schraler en armoediger. Nu, net na de regentijd is alles nog mooi groen. Over enkele weken zal echter alles al weer verdroogd zijn!

 

Mutino Friends

Om EEn uur komen we eindelijk aan bij het Mutino project. We stoppen bij de markt. Het is een zeer klein en armoedig gehucht. Het is er gortdroog en de mensen zien er zeer armoedig uit. Er is slechts EEn winkeltje. We drinken er een flesje lauwe limonade. Het comite staat ons al geruime tijd op te wachten onder een boom. We stellen ons voor en schudden veel Afrikaanse handen en 'duimen' (een vriendschappelijke begroeting bestaat uit drie handelingen: eerst geef je een hand, daarna zonder los te laten omklem je de duim en dan weer de hand). De voorzitter gaat voor in gebed. Hij dankt de Heer voor onze komst en bidt voor een goede reis en een behouden thuiskomst. We gaan eerst het slachthuisje bekijken. Het is bijna af, alleen de binnenkant wordt nog bloedrood geverfd. Het wachten is op de officiele inspectie en goedkeuring door de gezondheidsdienst. Als dat gebeurt is kan het in gebruik worden genomen. Ze zijn dan de enige in de verre omtrek met een officieel gekeurde slachtplaats. Het slachthuisje ziet er voortreffelijk uit. Er is veel aandacht besteed aan de hygine (afgedekte afval en schoonmaak-putten). Er zal twee keer per week, op de marktdagen, geslacht gaan worden. De opbrengsten komen ten goede aan het comite die er nieuwe kleinschalige projecten mee kan financieren. Daarna brengen we een bezoek aan het veldhospitaaltje (een kleine eerste hulppost annex consultatieburo annex apotheek). Vier jaar geleden was dit ons eerste project hier. Het afgelopen jaar hebben we geld beschikbaar gesteld om de oude doorgeroeste wateropvangtanks van ijzer te vervangen door twee gemetselde wateropvangtanks. Ook de watertanks zien er degelijk en solide uit. De regenperiode is net geNindigd dus zitten ze boordevol water. De inrichting van het veldhospitaaltje is erg eenvoudig maar het functioneert. Het is er alleen erg donker binnen. We besluiten geld dat we van een scoutinggroep uit Twello hebben gekregen hiervoor beschikbaar te stellen. Ze kunnen daarvan de wanden witten en enkele lichtdoorlatende golfplaten kopen. Het wordt er lichter en schoner van. We moeten ook even een bezoekje brengen aan de school. De voorzitter van het comite is daar hoofd. Er zitten 185 kinderen op de school. De klaslokalen van de hoogste groepen zijn van steen. De lokalen van de laagste groepen zijn nog van modder en zien er erbarmelijk uit. Er zijn nauwelijks banken en alleen een oud vervallen schoolbord. Ook de kleuterschool ziet er uit als een zwijnenstal. We kunnen niets toezeggen maar beloven ons uiterste best te doen hier enige verbetering in aan te brengen.

 

De eerste vergadering

We gaan met de auto naar het kantoor van het dorpshoofd. Onder een afdak van ijzeren golfplaten (gelukkig zitten we buiten) krijgen we een stevige maaltijd voorgeschoteld. Een kleiige erwtenstamppot, chapatties (een soort dikke pannekoeken) vleesbotjes en voor de ware smulpaap pens(!) Ze hebben speciaal voor deze gelegenheid een lokaal brouwsel van bijenhoning gemaakt. Een jerrycan vol! Bert wordt als onze 'Mzee' (is oude wijze man) gevraagd een toast uit te brengen op Mutino Friends. Na een uitgebreid welkomstwoord en introductieronde begint de vergadering. We zetten nog eens duidelijk uiteen dat onze primaire doelstelling het helpen van kinderen is. Alle activiteiten moeten ten dienste staan van dit doel. Ze hebben een paar alternatieve plannen uitgewerkt voor het opzetten van een voedselprogramma voor de armste kinderen in de leeftijd van zes maanden tot vier jaar. Dit is de meest kwetsbare groep. Als ze eenmaal naar school gaan krijgen ze daar een maaltijd. Ze zijn erg blij met onze toezegging hiervoor jaarlijks een budget van drieduizend gulden beschikbaar te stellen. Het is lang niet genoeg, maar in ieder geval een begin. We geven drie voorlichtingsboeken voor het veldhospitaaltje. Ook hebben we nog een goed tweedehands fototoestel meegenomen. Deze was beschikbaar gesteld door EEn van onze sponsorouders. Er zal iemand in de naburige stad opgeleid worden die er dan zijn brood mee kan verdienen. Tot slot overhandig ik namens onze projectgroep alle mannen uit het comite een stropdas en de vrouwen een hoofddoek. We hebben er het logo van Wereldkinderen met de tekst 'Asante Sana' (Swahili: Hartelijk Dank) op laten drukken. Ze vinden het prachtig! Het dorpshoofd had ik reeds een wandversiering met het WK-logo gegeven, maar hij wil ook een stropdas! Daarna worden wij overladen met presentjes. Een hoed, een slaapmat, manden en touwen om de geit mee vast te zetten. Er ontstond grote hilariteit toen de voorzitter mij een kippemand overhandigde. Japheth vertelde later dat zo'n mand in Afrika alleen door vrouwen wordt gebruikt. Volgens hem had de voorzitter iets te veel van de bijenhoning geproefd! Na een afsluitend dankwoord door het dorpshoofd gaan we met het comite in een grote kring, hand in hand in gebed. Het is inmiddels vijf uur en we worden nog bij Japheth thuis verwacht. Een bezoek aan zijn geboortestreek moeten we helaas overslaan. Om acht uur is het donker dan moeten we in Meru zijn. We worden hartelijk ontvangen door zijn vrouw en kinderen. Ze heeft een uitgebreide maaltijd klaargemaakt! We hebben net gegeten maar eten uit beleefdheid maar weer mee. De kamer staat volgepropt met grote stoelen en twee tafeltjes. Het is er bloedheet. Na het eten laten we een in Holland gemaakte video zien. We hebben helaas weinig tijd, overhandigen de meegebrachte kadootjes en nemen weer afscheid. Als we weg willen rijden blijken we een lekke band te hebben. Het is bijna acht uur als we uiteindelijk vertrekken. Het is aardedonker en de weg is erg slecht. Japheth gaat met ons mee naar Meru. 's-Avonds praten we nog wat na onder het genot van een Tusker (bier). Het is alweer twaalf uur. Wat een dag! Ik heb het gevoel hier al weken te zijn. Doodmoe rollen we in bed. Nog onbewust van wat ons die nacht te wachten staat....

 

De muis en de (angst)haas

s'Nachts om drie uur word ik wakker. Iets verderop in de gang wordt op een deur gebonsd. Ik hoor een man op gedempte toon dreigend commanderen. Er komen meer mensen de stenen trap op naar boven. Onze kamer grenst precies aan het trappenhuis. Flarden van het gesprek dringen onze kamer binnen. Het is een mix van Swahili en gebrekkig Engels. '...Holland...tourists.......refuse pay (weigeren te betalen)....' Ze zoeken ons! Ik lig verstijfd in bed, het hart bonst in mijn keel. Marieke is intussen ook wakker en kijkt mij met angstig ogen vragend aan. Ik gebaar haar stil te blijven liggen. Er wordt nog steeds druk gepraat en over de gang heen en weer gelopen. Er wordt nu op een andere deur gebonsd. We horen de stem van onze chauffeur George, hij klinkt erg verontwaardigd. Even later komen de mannen terug en gaan de trap af naar beneden. Zachtjes glij ik uit bed en gluur door een kier van het gordijn. In een flits herken ik de manager van het verhuurbedrijf en de chauffeur van de firma: de 'muis' (om zonder hun namen te noemen onderling in het Nederlands over de chauffeurs te kunnen praten hebben we ze een codenaam gegeven. De chauffeur van de firma wordt vanwege zijn spits gezicht door Jokeline 'de muis' gedoopt. George noemen we 'de schaduw' omdat hij hem als een schaduw achtervolgt en in de gaten houdt). Er zijn nog twee andere mij onbekende mannen met een overmatig fors postuur. Even later klinkt er een gigantisch lawaai. Een snel ratelend metalen geluid. Ik kan het niet goed thuisbrengen maar vrees het ergste. Een mitrailleur! Er wordt volgens mij ergens met geweld een deur geforceerd! Daarna wordt het plotseling weer doodstil. Ik voel het bloed wegtrekken uit mijn gezicht. De meest vreselijke scenario's flitsen door mijn hoofd. Ik wil bij de anderen gaan informeren maar Marieke wil (gelukkig) niet dat ik de kamer verlaat. We doen die nacht geen oog meer dicht. De volgende morgen blijkt alle angst voor niets te zijn geweest. Ze hebben s'nachts om drie(!) uur de chauffeur omgewisseld. Het geluid van de mitrailleur bleek het uitzetten van metaal van de watertank op het dak te zijn! De anderen hadden van het hele gebeuren niets gemerkt! De naam van de nieuwe chauffeur is waarschijnlijk 'Apuoyo' (Haas), hij weet in ieder geval van niets...

 

Luisteren naar de stilte

Vandaag een reisdag. We nemen afscheid van Japheth. Hij komt ons de laatste dag nog uitzwaaien in Nairobi. We beginnen met... juist, weer een lekke band. Om tien uur reizen we richting Nanyuki. Het landschap is opvallend afwisselend. Bergachtige bosrijke gebieden worden afgewisseld met prachtig wijds glooiende vlakten. De nieuwe chauffeur ontpopt zich al snel als een echte reisleider. Van ieder vogeltje en elk plantje kent hij de naam en weet er iets over te vertellen. Hij draagt een zwart leren jack hetgeen hem als opvolger van 'de muis' de codenaam 'motormuis' oplevert. We ronden de noordkant van Mount Kenia. Het is helder weer zodat we van grote afstand duidelijk de drie toppen bedekt met eeuwige sneeuw kunnen zien. Een vreemd gezicht bij een temperatuur van dertig graden. Het is ook vrij uniek. Men zegt dat je oud wordt wanneer je de drie toppen hebt gezien. Tussen de middag eten we heerlijke spaghetti bij een echte pizzeria We gaan nu op weg richting Nyeri. Voor Nyeri snijden we een stuk af en komen dan op de weg naar Nyahururu. We zijn nu in Samburuland. We hebben de tijd en stoppen regelmatig om van de omgeving te genieten of om 'gewoon' naar de ongekende stilte te luisteren.
In dit gebied wonen veel grote blanke boeren. Ook zijn er veel Nederlandse tuinders, zij kweken hier bloemen voor de export. Het is ook het gebied van Kuki Gallman en het decor van de film 'Out of Africa'. We hebben het gevoel alsof we zelf in een film rijden. Fantastisch! Bij een riviertje staan twee jongens aan de kant van de weg met een zelfgemaakte bestuurbare auto van ijzerdraad. De chauffeur vraagt waarom ze niet op school zijn. Ze zeggen dat daar geen geld voor is. Ze zien er vreselijk armoedig uit. Na de demonstratie brengen ze ons naar de rivier. We geven ze wat geld en een tennisbal. Ze zijn er dolgelukkig mee. Het geld moeten ze thuis afgeven, maar de tennisbal mogen ze zelf houden!

 

Koloniale sporen

Tegen de avond bereiken we Nyahururu. Daar zijn de Thomson Falls. Het water stort zich er 73 meter naar beneden. Bij de waterval zijn veel souvenirwinkeltjes met irritant opdringerige verkopers. Ze (s)leuren je letterlijk hun winkeltje binnen. Ze vragen hoge prijzen waarop je gigantisch af moet dingen. Jokeline moeten we haast met geweld wegslepen bij de verkopers anders had ze waarschijnlijk alles opgekocht. We overnachten in de bij de waterval gelegen Lodge Thomson Falls. Een restant uit de Engelse koloniale tijd. Het ademt nog geheel de sfeer uit die tijd. Donkere houten vloeren en lambrizering en grote gezellige open haarden. Ik slaap die nacht (weer) slecht. De matras is heel dun en het kussen is net een platte steen. Er komt veel lawaai uit de bar en de planken vloeren kraken heel erg als er iemand overheen loopt. Onze darmen zijn een beetje van slag, dus het komt nogal eens voor dat er iemand over de gang loopt...

 

Karibuni in Ahero

Als we 's-morgens weg willen rijden wil de auto niet starten. De streek is te koud(!) voor een diesel. Er worden mannen opgetrommeld om de auto tegen een heuvel op te duwen. Na drie keer lukt het eindelijk. Ondertussen pas ik op de koffers! Ik voel me een echte koloniaal. De mannen komen natbezweet terug, maar zijn erg blij met het zojuist verdiende extraatje. Bert heeft ondertussen planten gekocht als kadootje voor Kizito home in de kleuren van de Nederlandse vlag. We gaan nu naar Nakuru. Onderweg komen we door een uitloper van de Grote Slenk. Een enorm brede verzakking van de aarde die zich uitstrekt van Egypte tot aan Tanzania. Een groot litteken op het gezicht van Afrika. Door het hierdoor ontstane enorme hoogteverschil en de haarspeldbochten waan je je in de bergen. We passeren het Nakurumeer. Het meer is wereldberoemd vanwege de flamingo's. Het hele meer is dan rose gekleurd. Helaas is er op dit moment geen flamingo te bekennen! Verkeerd jaargetijde, ze zijn nog in hun broedgebied (het warme Zuiden?). Richting Kericho gaat het landschap weer over in een glooiende vlakte. Er zijn hier enorm uitgestrekte theeplantages. Kilometerslang, zover de horizon rijkt (en dat is ver) glooiende heuvels met theeplanten. De planten worden momenteel met de hand geschoren; de toppen worden uit de planten geplukt. Het lijkt onbegonnen werk. En dat in de volle zon met een plastic jas aan als bescherming tegen de scherpe struiken en de dagelijks voorkomende regenbuien. Er is geen tijd en mogelijkheid om even te schuilen. Het resultaat is een prachtige, door het felle zonlicht versterkte licht en donkergroene kleurschakering. Na Kericho wordt het landschap steeds vlakker. We zijn nu in Kano Plains (vlak landschap). Op naar Ahero! Om vier uur komen we aan op de missiepost. De zusters komen al aangelopen om ons te begroeten. En hoe! Karibuni! Welkom! Welkom! Karibuni! Karibuni! Van alle kanten komen de mensen nu aangelopen om ons te begroeten. We zijn erg stoffig en doodmoe dus gaan we eerst even douchen. Daarna kijken we wat rond. Ik heb alles al vaak gezien op foto en video, maar in werkelijkheid ziet het er toch nog weer heel anders uit. Er komen nog steeds mensen naar ons toe om ons te begroeten. Sommige zijn speciaal hiervoor naar de missiepost gekomen. Even een korte officiNle begroeting. We maken kennis met Toni, de kok van het cursuscentrum waar wij de komende tijd ook vaak zullen eten. Hij heeft een heerlijke maaltijd voor ons klaargemaakt. Zelfgemaakte patat, sukumawiki (een bladgroente die erg op andijvie lijkt, maar veel lekkerder smaakt) en rundvlees met uien en tomaten. We duiken vroeg onder de klamboe. Ondanks dat er cursisten naast onze slaapvertrekken luid op een accordeon zitten te spelen, val ik als een blok in slaap.

 

The Bold and the Beautiful

Om negen uur nemen we het programma voor de komende weken door met zuster Thecla, de voorzitter van het Kizito comite Peter Owiti en de secretaris Thomas Ngeso. Ze hebben het programma voor de komende dagen tot in detail voorbereid. Prima! Daarna brengen we een bezoek aan de bibliotheek. Deze is helaas gesloten. We kunnen er niet in. Door het raam ziet het er troosteloos en verlaten uit. We maken een afspraak om het comite van de bieb te ontmoeten om de oorzaak van de sluiting boven water te krijgen. 'sMiddags gaan we naar Kisumu. Onderweg brengen we een bezoek aan Busabaliawo Oreso. Hij is een ex-sponsorkind en is pas voor zichzelf begonnen met een klein winkeltje. Er zijn geen klanten. Hij zegt dat het komt doordat de mensen net schoolgeld hebben betaald en dan is alles op. Hij heeft geen vrouw (de vader vraagt een te hoge bruidschat!) en lijkt erg eenzaam. In Kisumu doen we wat inkopen. Het is drukkend warm. Op de terugweg bezoeken we de winkel van Mukasa Oloo, hij heeft al bijna tien jaar een eigen winkeltje. Het ziet er prima uit. Veel voorraad, netjes en wel klanten. Hij heeft een goeie zakenvrouw. Ze past op de winkel als hij weg moet en ze kookt een gelei waar ze zelf snoepjes van maakt. Deze worden dan per stuk verkocht. Ook de sigaretten worden per stuk verkocht! 's-Avonds gaan de dames bij de zusters op bezoek om wat meegebrachte geurtjes te geven. Ze hebben pech. De zusters hebben nauwelijks tijd, ze moeten de Bold en de Beautiful kijken! Bert en ik hebben een afspraak met Norbert Odep, hij is de coordinator van het canadese Christian Children Fund (CCF). Hij komt echter niet opdagen. We vinden het op dat moment eerlijk gezegd niet zo heel erg. We vermaken ons prima met een goed boek en het restantje Bokma.

 

Dagje uit met de sponsorkinderen

We staan vroeg op. Vandaag staat er een uitstapje met onze sponsorkinderen op het programma. Voordat ze komen gaan we met Consolata (de sociaal werkster van het Kizito home project) naar de markt in Ahero. We kopen er zakken mais en bonen voor de kinderen om mee naar huis te nemen. Vanaf 9 uur druppelen ze binnen. Alleen of samen met een familielid. Het is een emotioneel moment om je eigen sponsorkind in levende lijve te ontmoeten. Pamela is erg blij ons te zien. Ze heeft een schattig dochtertje Lianne van 3 jaar die ons maar doodeng vindt. Ze zien er goed uit. Even later arriveert ook Stephen, ons andere sponsorkind. Hij is erg verlegen en durft ons eerst nauwelijks aan te kijken. Zijn Engels is erg gebrekkig. De tennisballen bieden ook nu weer uitkomst. Ze zijn een ideaal middel om op een speelse manier contact te maken. Na een gezamenlijke rijstmaaltijd gaan we in twee groepen met het busje naar het Victoriameer. Het is nog geen 20 km verderop maar de meesten zijn er nog nooit geweest! Ook het autoritje is voor hen al een belevenis op zich. Het is heerlijk koel aan het meer. We drinken er een flesje prik. De kinderen komen ook wat los en genieten zichtbaar. De tijd vliegt. We moeten al weer terug want de kinderen moeten voor het donker weer thuis zijn. Om tijd te winnen gaan we met nu z'n allen tegelijk (20 personen !) in het 9-persoons busje. Erg gezellig en voor Keniaanse begrippen eigenlijk niets bijzonders! In Ahero nemen we met moeite afscheid van de kinderen. Pamela heeft ons verteld dat ze last heeft van hartkloppingen en pijn op de borst. Ze is al bij de dokter geweest en hij heeft haar geadviseerd om een specialist te raadplegen. Dit kan ze echter onmogelijk betalen. We spreken met haar af om volgende week met haar naar het ziekenhuis te gaan. Vanwege een misverstand met de keuken kunnen we pas om half acht eten. Er wordt nog snel iets klaargemaakt. Hakuna Matata!
Plotseling begint het te stortregenen. Het water valt met bakken uit de hemel. Het is een oorverdovend lawaai op de ijzeren golfplaten. Na het eten bereiden we de vergadering voor de volgende dag met het comite voor.

 

De swingende zingende kerk

Het is zondag vandaag, we zijn alweer een week in Kenia. Om kwart over zes staan we al op want om zeven uur begint de kerk. Als we langs de eetzaal lopen roept een meisje uit de keuken ons terug. Ze vraagt of we niet eerst willen ontbijten. We zeggen dat we om zeven uur in de kerk moeten zijn. Ze lacht, de klokken luiden nu voor de eerste keer en dan duurt het nog minimaal 20 minuten voordat de mis begint. Oh ja, we zijn in Afrika! Eerst ontbijten dan maar. De kerk zit bijna helemaal vol met hoofdzakelijk in groen schooltenu geklede kinderen. Van afstand ziet het er fleuring en netjes uit. Als we echter plaats hebben genomen achter een rij schoolkinderen valt het van dichtbij erg tegen. In de meeste pullovers zitten wel een paar gaten en de smetteloos witte kragen zijn gerafeld of geheel doorgesleten. De hele kerk is een swingende zingende massa. Alles gaat in het Swahili en Luo, maar het is (zeker met mijn katholieke achtergrond) goed te volgen. Veel van de bij ons in Nederland reeds lang verdwenen symboliek, wierook en wijwater zijn hier nog volop aanwezig. Alles verloopt op een heel natuurlijke ontspannen manier. Bijna de hele mis bestaat uit ritmisch door trommels ondersteunde swingende Afrikaanse gezangen. Er wordt prachtig twee-stemmig bij gezongen. Het lijkt wel of iedereen hier mooi kan zingen. Je wordt automatisch meegesleept door de basisdrum waarbij je onmogelijk stil kunt blijven zitten. Bij de collecte en het ter communie gaan loopt men kris-kras door elkaar in willekeurige volgorde naar voren. Niks netjes rijtje voor rijtje. De vredeswens, bij ons vaak een schuchter en ongemakkelijk gebeuren is hier een verademing. Uit alle hoeken van de kerk komen mensen naar ons toe om ons en elkaar persoonlijk de vrede te wensen. Heel spontaan, heel ongedwongen. Aan het eind van de dienst weet de pastor ons toch nog te verrassen door eerst in het Swahili en daarna in het Engels de mensen op onze aanwezigheid te wijzen (alsof dat nog niemand opgevallen was). Onder aanvuring van de pastor worden we van achter uit de kerk ritmisch naar voren geklapt...
Er wordt gevraagd onszelf voor te stellen. We vinden het eigenlijk allemaal veel teveel ophef (en ook best een beetje eng). Het is echter wel een mooie gelegenheid om tegenover de hele gemeenschap onze dankbaarheid uit te spreken. Nadat Marijke opent met een 'Oyawore' (Goedemorgen) is het ijs snel gebroken.

 

Een marathonzitting

Om tien uur begint de vergadering met het comite. Het wordt een marathonzitting van drie en een half uur in een bloedhete zaal. De zon brandt genadeloos op de ijzeren golfplaten. En al die tijd is er niets te drinken! Het vergaderen gaat vrij moeizaam. Het is telkens weer een probleem om op dezelfde golflengte te komen. De meesten hebben totaal geen abstract denkvermogen. Als je een voorbeeld geeft, wordt dat direct opgepakt als ware het een vaststaand feit. Het dringt nog eens extra tot mij door hoe belangrijk een schoolopleiding is voor de sponsorkinderen. Het betekent zo veel meer dan alleen kunnen lezen en schrijven. Telkens komen we weer tot de slotsom dat het comite nog erg moet wennen aan het idee dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor hun daden en daardoor zelfstandig beslissingen mogen en moeten nemen. Na de vergadering gaan we allen samen aan tafel. Ik zit naast zuster Thecla. Ze vraagt hoeveel kinderen ik heb. Als ik haar vertel dat ik drie prachtige dochters heb, spreekt ze me bemoedigend toe dat ik nog jong ben en zeker nog een zoon zal krijgen. Ze zal er vanaf vandaag persoonlijk iedere avond voor gaan bidden. Ik vertel haar maar niet dat het wel erg onwaarschijnlijk is. Wie weet zijn de wonderen de wereld nog niet uit...?

s'Avonds zijn we bij Norbert Odep thuis uitgenodigd. Eigenlijk zijn we veel te moe, maar hij heeft er helemaal op gerekend. Bovendien heeft Bert wat last van een bronchitis. Hij is s-middags al naar de dokter geweest en heeft twee spuiten en ongeveer een kilo pillen gekregen. Het helpt goed, maar hij is s'avonds zo duf als een konijn! Norbert woont in de buurt van de missiepost. We zitten buiten op de overdekte veranda die aan de voorkant is afgezet met rietmatten tegen al te nieuwsgierige pottekijkers. Het gaat als een lopend vuurtje rond dat wij er zijn. Zijn vrouw(en) hebben een heerlijke maaltijd klaargemaakt. Grote schalen vol met zelfgebakken witbrood. Heerlijk! Ik heb flinke trek. Er is meer dan voldoende dus ik neem het er goed van. Het blijkt echter slechts een voorgerecht te zijn! Hierna komt nog de rijst, ugali, kool, vlees en de vis op tafel...
Plotseling klinkt er een enorm gegil en gejammer. Er is iemand overleden. Een vrouw gaat luid jammerend de buurt rond. Tot diep in de nacht komen er familieleden uit de omgeving huilend en gillend naar het huis van de overledene gesneld. Daaraangekomen wordt het stil. Er wordt de hele nacht getrommeld. De volgende ochtend gaat het rituele gejammer in alle hevigheid verder.

 

Veel van weinig en weinig van veel

We staan vroeg op want we hebben vandaag een vol programma. Bert voelt zich nog niet fit en blijft vandaag thuis. Twee comiteleden gaan ook mee. We gaan twee socio-economic groepen en een vrouwengroep bezoeken. Socio-economic groepen zijn ouders, meestal moeders van sponsorkinderen. Ze hebben zich per regio gegroepeerd en ondersteunen elkaar sociaal en economisch. Het comite helpt deze groepen door ze een lening te verstrekken tegen een lage rente. Als ze snel terugbetalen, krijgen ze de volgende keer een grotere lening. We beginnen bij een socio-economic groep in Obugi. Het is een zeer enthousiaste groep. Ze geven een demonstratie manden en tassen vlechten, touw knopen, slippers maken van oude autobanden en potten bakken. Onderwijl wordt er gedanst en gezongen. We krijgen een levende kip aangeboden en een in rose tinten geschilderde pot (waar we later onze chauffeur erg blij mee maken). Namens de projectgroep geven wij duizend Keniaanse shilling voor de aanschaf van basismateriaal. Op naar de volgende groep. We worden onder luid gezang uitgezwaaid. Onderweg ontmoeten we nog een zelfstandig ex-sponsorkind: Alex Odhiambo. Hij heeft een kioskje bij zijn huis en combineert dat met houtskool branden. Het is te ver om er een kijkje te nemen. Hij heeft een vreemde pijnlijke knobbel aan zijn knie. Er was hem gezegd dat hij die gewoon weg moest snijden. Gelukkig had hij dat niet gedaan. We verwijzen hem naar het gezondheidscomite. Onderweg brengen we ook nog een bezoek aan drie ex-sponsorkinderen die samen een garage zijn begonnen. Bij de Kimulwa garage (Kizito, Mukasa en Lwanga zijn de voornamen van de drie voormalige sponsorkinderen) is het een drukte van belang. Ze zijn de enige garage in de buurt die een compressor heeft. Hun voornaamste activiteit bestaat dan ook uit het repareren en oppompen van tractorbanden. De compressor is echter te klein, waardoor deze vaak stuk is. Een nieuwe compressor is echter een te grote uitgave ineens. Ze houden keurig een boekhouding bij. Met de winst die ze maken moeten ze in EEn jaar de benodigde lening terug kunnen betalen. Mukasa heeft een tropische ziekte aan zijn voet (lepra?). Hij heeft medicijnen maar deze zijn erg duur en werken maar tijdelijk. Door de garage is hij toch maar in staat ze te kopen! We adviseren hem ook een afspraak te maken met het gezondheidscomite. We gaan weer verder, op bezoek bij nog een socio-economic groep. Dezelfde enthousiaste ontvangst. We krijgen weer allemaal een hoed en nog een kip! Ook hebben ze een uitgebreide rijstmaaltijd voor ons bereid. Er bekruipt je een tweeslachtig gevoel. Van de ene kant geniet je van het enthousiasme en de warmte van de mensen. Van de andere kant een gevoel van schaamte: zij hebben haast niets en geven zoveel, wij hebben zoveel en geven haast niets!

 

Het kroonprinsgevoel

We moeten weer verder voor een bezoek aan de Kodero vrouwengroep. Deze groep wordt al jarenlang door een vrouwengroep in Nederland ondersteund. De resultaten zijn duidelijk zichtbaar. De hutten en materialen zien er goed verzorgd uit. Ook hebben ze samen met een andere vrouwengroep een kinderdagverblijf gebouwd. Als wij die willen bezichtigen zijn ze wat terughoudend. Ze vertellen dat ze momenteel onenigheid hebben met de andere vrouwengroep over een aan te stellen kleuteronderwijzeres. We willen er toch een kijkje nemen. Het wordt een lange wandeling dwars over de akkervelden. De hele weg wordt er weer uitbundig gedanst en gezongen. Bij het schooltje wacht ons een (onaangename) verrassing. De andere vrouwengroep zit daar volkomen onverwacht in vol ornaat gereed om ons welkom te heten. Het is echter al laat en we willen zo spoedig mogelijk terug. We stemmen toe in EEn dans en het voorlezen van een memorandum. Om de plaatselijke dorpshoofd niet te beledigen moeten we echter ook iets eten en drinken (en we hebben net uitgebreid gegeten!). Het is erg vervelend en onbevredigend voor beide partijen, maar de tijd dwingt ons te vertrekken. Om zeven uur zijn we terug in Ahero. Doodmoe, stoffig en zweterig.

Ik heb nu een beetje een idee hoe onze kroonprins zich moet voelen na een dag boordevol officiele bezoekjes en toespraken. Voor de avond staat er nog een kennismaking gepland met de nieuwe pastor op de missiepost. In verband met een hevige regenbui gaan we een half uur later dan afgesproken. Ze zitten echter nog uitgebreid aan tafel (Africa, you know). We weten het te beperken tot een kort beleefdheidsbezoekje. Eindelijk naar bed.

 

Toneel, komedie en veel drama

s'Morgens is er een voorstelling door een groep sponsorkinderen. Toneelstukjes, drie kwartier het verhaal van Mozes (een drama), komische sketches en voordragen van gedichten. Je kunt zien dat er op school veel aandacht aan wordt besteed. Ze doen het echt met hart en ziel. Na afloop laten wij een video van een vorig bezoek aan Kenia zien. Er is veel lol om de herkenning. We hebben ook nog een video over Holland meegenomen. Na afloop houden we een vragenuurtje. Ze beginnen vrij schuchter, maar dan komen de vragen los. Ze zijn erg leergierig en vragen ons de kleren van het lijf. Ze zijn stomverbaasd over onze Westerse normen en gewoontes. Met de gelijkwaardige behandeling van man en vrouw maken wij mannen ons in hun ogen volkomen ongeloofwaardig. 's Middags gaan de dames in een ziekenhuis op bezoek bij Florence, de vrouw van Lwanga. Lwanga is een ex-sponsorkind dat de correspondentie verzorgt tussen de sponsorkinderen in Kenia en de sponsorouders in Nederland. Florence heeft een tweeling gekregen waarvan EEn kindje tijdens de bevalling is overleden. Bert en ik hebben intussen een vergadering met het nieuwe comite van de (gesloten!) bibliotheek. Als reden voor de sluiting wordt het ontbreken van financiele middelen genoemd. Bij de overname was er geen sluitende boekhouding aanwezig. Ook blijkt na een bezoek aan de bibliotheek dat er nog veel boeken uitgeleend zijn. Toch heeft het nieuwe comite het overgenomen! Wij komen met het nieuwe comite overeen dat ze alles eerst tot op de bodem zullen uitzoeken.

s'Avonds gaan we op bezoek bij Japheth Mambo. Hij is een soort mentor voor de ex-sponsorkinderen. Hij geeft ze boekhoudcursussen en leert ze hoe met klanten om te gaan. Hij heeft zelf een fotowinkeltje en een ruimte waarin hij 'savonds video's draait, een soort huisbioscoop. Rambo films en oude WK voetbalwedstrijden van 1994 trekken volle zalen. Er is echter bij hem ingebroken, zowel zijn fotocamera als zijn video is gestolen! Via een advertentie hebben we van een donateur uit Nederland een professionele 2e-hands camera gekregen. Als wij hem deze overhandigen is hij sprakeloos en tot tranen toe bewogen.

 

Kokend heet!

Vandaag gaan we naar Asumbi. Ons sponsorkind Pamella en zuster Thecla gaan mee. Pamella heeft daar drie jaar intern een opleiding gevolgd. Ze heeft examen gedaan maar wacht al een half jaar(!) op de uitslag. Onderweg komen we langs Bolo. Bij de geboorte van onze derde dochter hebben we in plaats van nog meer overtollige knuffelbeesten en babypakjes geld gevraagd voor een klein ziekenhuisje hier. Deze stond toen onder leiding van een Nederlandse verpleegster. We zijn erg benieuwd wat we nu, vier jaar later, zullen aantreffen. Er wacht ons een enorme verrassing. Het project is inmiddels overgenomen door een Ierse instantie. Onder leiding van twee fanatieke Ierse zusters is er een compleet nieuwe kliniek gebouwd en een ondergrondse waterput is in aanbouw. Ook de schoolgebouwtjes zien er goed uit. Van afvalhout wordt er met voorbeelden uit een Iers tijdschrift, lesmateriaal, autotjes, en poppenmeubilair gemaakt. Er zijn alleen geen poppen. Wij beloven een doos met uit Holland opgestuurde poppen en speelgoedbeestjes te laten brengen. Er is veel vooruitgang geboekt. Toch vraag ik me af of dit wel de goeie manier is. Gaat het niet opeens te hard voor de betrokken Kenianen? Worden de Kenianen er zelf wel voldoende bij betrokken? Vaak zie je dat wanneer de buitenlandse hulpverleners weggaan alles weer in elkaar klapt omdat de achterblijvers zich niet betrokken en daardoor ook niet verantwoordelijk voelen. Hopelijk ben ik te pessimistisch en blijft het hier goed gaan.
Onderweg komen we langs heetwaterbronnen, eigenlijk niet-spuitende geisers. Het hete water borrelt op diverse plaatsen op uit de grond. Het is zo heet dat we er een paar meegebrachte eieren in kunnen koken. De geisers bevinden zich in een rotsachtig kaal dal. Het is inmiddels twaalf uur, hemel Jn aarde zijn kokend heet.

 

Doodzonde? Dood zonde!

Er wacht ons nog een lange rit naar Asumbi. Om vijf uur komen we aan op de missiepost. We worden hartelijk ontvangen door zuster Pauline. Ze had zich erg ongerust gemaakt omdat ze ons s-morgens al had verwacht! Pamella is al weg gerend naar enkele oude studiegenootjes. We maken een rondleiding over de compound. Er is veel bijgebouwd de laatste jaren. De school heeft een zeer goede naam en is het afgelopen jaar uitgeroepen tot de beste school in Kenia! We gaan de bibliotheek bekijken. Ze hebben geld gekregen van de Josephine Nefkens Stichting. Het ziet er erg mooi uit. Alleen zijn er nog wat weinig boeken t.o.v. de overdadig aanwezige hoeveelheid boekenkasten. Pamella laat ons haar school zien. Sobere klassen met banken en trapnaaimachines. Aan de kale muren hangt slechts EEn groot affiche. Met grote letters staat erop te lezen: Anti-conceptie is Doodzonde! Dood zonde ja, zo'n belasting voor die meisjes in de toch al volkomen ongelijkwaardige strijd tegen de razendsnel om zich heen grijpende Aids. We worden nu voor het eten naar de eetzaal gedirigeerd. Als we binnenkomen worden we weer eens totaal verrast. De hele eetzaal zit vol met studenten en leraren. Helemaal voor in de zaal hebben ze een podium gebouwd met daarop een rij tafels en stoelen. Of wij daar maar willen plaatsnemen. Daar zit je dan in je korte broek! Er wordt uitgebreid gedanst en gezongen en uiteraard veel gespeeched. Na afloop wordt ons een overheerlijk diner geserveerd. Onze komst is aangegrepen als een mooie praktijk oefening voor de catering-opleiding van de school. Ik begrijp nu waarom ze nummer EEn zijn in Kenia. Tijdens het diner zit ik naast de Indische missiepastor. Een overdreven amikale en uitbundig joviale spraakwaterval die duidelijk liever praat dan luistert. Hij stelt veel vragen maar geeft je absoluut geen kans om antwoord te geven. Ik concentreer me dus maar op het heerlijke eten en knik af en toe instemmend. Het is alweer tegen twaalven als we gaan slapen. Gescheiden uiteraard, de mannen bij de paters en de vrouwen bij de zusters (dood zonde).

 

Biogas en moerasgras

Die morgen ben ik al vroeg wakker. De pater moest vroeg op reis en is reeds vertrokken, een geluk voor mijn ochtendhumeur. Er is een groot bad waar ik dankbaar gebruik van wil maken. Twee volle emmers met water naast het bad doet het ergste vermoeden. Inderdaad er komt geen water uit de kraan. Dus lepel ik de emmer water met een grote pollepel over me heen. Heerlijk!
Na het ontbijt gaan we het zero-grazing project bekijken. In een zero-grazing project staan de koeien vast in een open stal. Hierdoor verbruiken ze minder energie dan wanneer ze loslopen en geven daardoor beduidend meer melk. De mest wordt opgevangen in een put met een goed afsluitende, op de mest drijvende overkapping. Hieronder ontstaat dan bio-gas. Het is voldoende om voor de hele missiepost op te koken! We nemen afscheid van de zusters. Pamella en zuster Thecla gaan met de Matatu terug naar Ahero. Wij gaan verder naar Kisii. Onderweg brengen we nog een bezoek aan het Ruma Park. Er zijn ontzettend veel antilopes. Speciaal de paard-antilope is een bijzonderheid. Ze komen nergens anders op de wereld voor. Het pad dat we volgen wordt steeds vager en is nu bijna geheel door metershoog moerasgras overwoekerd. Ook de grond wordt steeds moerassiger. Het wordt te gevaarlijk, terug dus. Maar eerst even een verplichte pauze, een lekke band. Bij het opkrikken van de auto komt de auto echter geen centimeter omhoog, de krik zakt gewoon in de grond. Het blijkt maar weer dat twee reservewielen in dit soort omgevingen geen overbodige luxe is. Noodzakelijk zelfs voor de truc met de twee reservewielen. EJn reservewiel wordt achter de lekke band gelegd en men rijdt nu net zo lang voor en achteruit met de lekke band tegen het reservewiel totdat de bus bovenop het reservewiel staat. Nu plaatst men de krik op een grote steen onder de auto en verwisselt de lekke band voor het tweede reservewiel. Klaar is Kees, Hakuna Matata! We verlaten het park en gaan op weg naar Kisii. Nadat we een hotel hebben gezocht voor de nacht, gaan we op bezoek bij Jane en Andrew. Jokeline heeft enkele jaren geleden tijdens haar stage voor de Tropische landbouwschool een half jaar bij hen gewoond. Het zijn bijzonder hartelijke gastvrije mensen. Je voelt je er al snel thuis. Ze hebben zelf een huis gebouwd iets buiten Kisii. Achter de woning kijk je prachtig weids uit over de groene heuvels. Ze hebben twee koeien en een flinke groentetuin. Beide werken ze bij het ministerie, maar Andrew wil voor zichzelf beginnen. Iets met kippen. Kippen en eieren zijn erg duur in Kenia. Kip op het menu is een delicatesse.

 

In de ban van de steen

's-Morgens brengen we eerst een bezoek aan de markt in Kisii. Daarna gaan we op weg naar het naburige dorpje Tabaka. Jane gaat met ons mee. In Tabaka bevindt zich de bekende zeepsteen groeve. Onderweg pikken we een bekende van Jane op die ons de weg wijst naar de groeve. Er is helaas niemand aan het werk. Ze zijn allemaal naar een begrafenis. Uit de zachte en zeperig aanvoelende rozig getinte steen worden allerlei beeldjes en siervoorwerpen gemaakt. Het hele dorp is in de ban van de steen. Huis aan huis wordt er in een brok steen gezaagd, geboord, gebeiteld, geschaafd, geschuurd en gepolijst. Het resultaat is verbluffend. Prachtig gestileerde moeder met kind beeldjes, complete schaakborden, wilde dieren, kerst-groepen, schalen, doosjes, vaasjes, te veel om op te noemen. In alle maten en vormen, bewerkt en onbewerkt, beschilderd en onbeschilderd. Het hele dorp lijkt uit louter kunstenaars te bestaan. Alle huizen staan boordevol voorwerpen. Men roept om het hardst om onze aandacht te trekken. De prijzen zijn bespottelijk laag. Tien gulden voor een compleet schaakbord, waar toch zeker een paar dagen werk in zit! Je moet je beheersen om niet teveel te kopen (twintig kilo bagage is niet zo heel veel met al die stenen). Tegen de middag gaan we weer terug naar Kisii. We nemen afscheid van Jane en Andrew. We hebben nog een lange reis voor de boeg, terug naar Ahero.

 

Wie wel en wie niet

s-Morgens is er een bijeenkomst met de regio-afgevaardigden uit de verschillende gebieden waar de sponsorkinderen vandaan komen. Alles moet vertaald worden omdat de meesten geen Engels spreken. Toch zijn we erg blij dat we de gelegenheid hebben zovelen van hen hier te ontmoeten. Zij zijn de mensen die het dichtst bij de kinderen staan. Ook zij voelen deze bijeenkomst duidelijk als een stukje waardering voor hun inzet. Zij hebben immers de ondankbare taak te moeten beslissen wie wel en vooral wie niet voor sponsoring in aanmerking komt. sMiddags hebben we een afspraak in het district hospitaal in Kisumu. Van hieruit is het inentingsprogamma het afgelopen jaar opgestart waarbij het laboratorium gratis ter beschikking is gesteld door het ziekenhuis. We evalueren het onderzoekprogramma van het afgelopen jaar en praten over benodigde vervolgacties. De helft van de sponsorkinderen zijn nu onderzocht en behandeld. De reakties zijn zeer positief. De kinderen zijn duidelijk gezonder na de inentingsaktie waardoor ook op school de prestaties met sprongen vooruit zijn gegaan. Het is ook niet echt verwonderlijk als je bedenkt dat bij meer dan de helft van de kinderen twee ziektes zijn geconstateerd: meestal wormen en malaria! We nemen een kijkje in het laboratorium. Het ziet er erg schamel uit. Een oude microscoop en een paar flesjes met een onduidelijke inhoud. Genoeg voor het identificeren van de meest voorkomende ziekten.

 

Bal(l)en

Om vier uur hebben we een afspraak met het nieuwe bibliotheek comite. Ze hebben alles keurig op schrift gesteld, maar nog steeds zijn niet alle feiten boven tafel. De boekhouding is nog steeds niet kloppend en ook is het onduidelijk of er nog schulden zijn bij de aannemer. Zo komen we niet verder. We maken een nieuwe afspraak waarbij zowel vertegenwoordigers van het oude als van het nieuwe comite aanwezig zullen zijn. De door ons meegebrachte tennisballen zijn inmiddels befaamd in de wijde omgeving. Er komen kinderen die bijna een halve dag hebben gelopen, vragen of er nog tennisballen zijn! Helaas moeten we ze teleurstellen, ze zijn nu echt op...

 

De sub-comites

Het is alweer onze derde zondag in Kenia. De tijd vliegt. Vandaag hebben we een bijeenkomst met alle afzonderlijke sub-comite's. We zijn echt diep onder de indruk van de (zeker voor Afrikaanse begrippen) voortvarendheid en enthousiasme waarmee de diverse sub-comite's opereren. Er wordt veel aandacht besteed aan cursussen, bewustwording van de ouders (familieplanning) en aan de individuele sponsorkinderen. De scholen van de kinderen worden bezocht, hetgeen een uiterst positieve uitstraling heeft zowel naar de kinderen als naar de leraren toe. De kinderen hebben daardoor het gevoel dat er daadwerkelijk iemand geinteresseerd is in de resultaten en om hen geeft. Het subcomite voor schoolverlaters verrast ons met een eenvoudig maar zeer doeltreffend initiatief. Het bezoekt de kinderen die net van school komen en leert ze hoe ze een stukje land moeten bewerken om zoveel mogelijk in de eigen levensbehoefte te kunnen voorzien. Veel kinderen hebben deze basiskennis immers niet doordat ze hun jeugd in een weeshuis hebben doorgebracht. Alleen het comite voor kleine zelfstandigen vinden we wat magertjes bezet. Eenmaal zelfstandig waren de ex-sponsorkinderen snel buiten het gezichtsveld van het comite en hadden het gevoel aan hun lot overgelaten te worden. Ze zijn vaak erg eenzaam en onervaren. Door regelmatig bij elkaar te komen kunnen ze van elkaar leren en elkaar helpen. Het hoofdcomite is het wel met ons eens en zegt toe het subcomite te zullen versterken. We zijn erg blij met het solide karakter van het comite maar spreken onze zorg uit over een eventueel wegvallen van het complete comite bij nieuwe verkiezingen. Deze worden om de drie jaar gehouden. Gelukkig had het comite dit zelf ook reeds voorzien en de nodige maatregelen getroffen. De leden blijven voor vijf jaar zitten en er mogen per jaar maximaal twee personen worden vervangen.

 

Hutspot met hache

Om een uur gaan we voor een gezamelijke maaltijd naar de eetzaal. Samen met de kok Toni hebben we een Hollandse maaltijd voorbereid. Hutspot met hache! Alle ingredienten hebben we gewoon op de plaatselijke markt gekocht. Ze vinden het heerlijk! Na het eten demonstreert Bert de door ons meegebrachte tweedehands overheadprojector. Het comite is erg enthousiast. Het geeft een stukje meerwaarde aan het Kizito Home als cursus centrum. Tot slot laten we de zelfgemaakte video over Holland zien. Ook nu weer leidt het tot veel vragen en verwondering. Afsluitend is er nog de onvermijdelijke speech... en nog een speech... en nog een speech...

Ludigo Opyo is gekomen. Hij is een ex-sponsorkind dat een paar jaar geleden een kiosk wilde beginnen maar zich toen heeft bedacht en visser is geworden op het Victoriameer. Nu, na een paar magere vissersjaren wil hij alsnog een kiosk beginnen maar op een volgens het comite erg ongunstige plaats. Ludigo is erg gesloten en het comite komt niet verder met hem. We hebben samen met enkele comiteleden een indringend gesprek met hem. Het blijkt dat hij zijn land niet durft te verlaten omdat hij bang is dat het dan door zijn ooms zal worden ingepikt en hij het nooit meer terug zal krijgen. Hij is moeilijk te overtuigen dat zijn land, indien eenmaal geregistreerd niet zomaar afgepakt kan worden. We zeggen dat het comite hem wel wil helpen, maar dat hij hen dan ook moet vertrouwen. We stellen voor om samen met het comite het land te laten registreren op zijn naam en daarna op een andere plek een kiosk te beginnen. Het is pijnlijk triest te ervaren hoe eenzaam deze jongen is. Weggepest door zijn eigen familie en niemand om te kunnen vertrouwen. Het is inmiddels al weer half vijf (we zouden s-middags vrij zijn). Alles plakt! We besluiten nog even naar het Victoriameer te gaan. Lekker uitwaaien en genieten van de mooie Afrikaanse zonsondergang.

 

Geloof en bijgeloof

s-Avonds komt Japheth Mambo (de fotograaf) op bezoek. Zijn vrouw is twee weken geleden plotseling overleden en hij is achtergebleven met vier kinderen. Hij vertelt ons iets over de gewoontes en gebruiken die bij een overlijden horen. Als iemand is overleden komen mensen van heinde en ver naar het huis van de gestorvene. Overdag en 's-avonds wordt er luid gejammerd en de hele nacht wordt er geroffeld op de trom. Alle bezoekers nemen een aandenken aan de gestorvene mee. Foto's, kledingstukken, maar ook gebruiksvoorwerpen zoals borden en bestek! Het is zelfs zo erg dat hij uit voorzorg voor al te 'emotionele' familieleden zijn TV zolang bij vrienden heeft verborgen. De buren zorgen voor voedsel voor alle bezoekers. De een geeft een kip, de ander een geit, ieder naar draagkracht. Bij het huis van de gestorvene wordt twee maanden lang iedere avond bij een kampvuur gewaakt. Bij deze gelegenheden worden de gewoontes doorverteld en eventueel herzien. Nadat de vrouw is gestorven moeten de vader en de kinderen gescheiden leven. Ze mogen niet in hetzelfde huis slapen, niet samen eten en drinken en er moet zelfs afzonderlijk worden gekookt. Dit duurt gemiddeld twee jaar! Varierend van vier maanden tot soms vier jaar! Het duurt voort totdat de vader of een van de kinderen een droom krijgt waarin wordt meegedeeld dat de periode beNindigd mag worden. Daarna gaan ze gezamenlijk naar het graf van de moeder en voeren daar een reinigingsceremonie uit. De mannen geloven dat als ze zich niet aan de gewoontes houden ze onvruchtbaarheid of een ander groot onheil afroepen over hun kinderen. Ze kennen allemaal wel een voorbeeld van iemand die zich niet aan de gewoontes heeft gehouden en waarvan EEn van de kinderen iets is overkomen. Japhet twijfelt maar durft het risico niet te nemen...

 

Bankzaken

Om negen uur hebben we een vergadering met het financiele subcomite over het budget. Het is best moeilijk om niet meer precies voorgekauwd te krijgen hoe het geld moet worden besteed. Ze moeten nu zelf prioriteiten stellen en het beschikbare geld verdelen. Toch zijn ze het afgelopen jaar rondgekomen met het minimale budget. Voor het komende jaar stellen we voor om ieder sub-comite zijn eigen sub-budget te laten maken. Daarna kunnen dan in een gezamenlijke vergadering de prioriteiten worden gesteld. Het totaal beschikbare budget wordt dan opgedeeld in sub-budgetten. Dit maakt daarna de verdeling wat makkelijker.
s-Middags gaan we naar de bank in Kisumu voor een officiele overdracht van de tekenbevoegdheid. Vier personen zijn bevoegd om te tekenen. Om geld te kunnen halen moeten minimaal drie personen tekenen, waarbij de handtekening van zuster Thecla verplicht is. Voor noodgevallen heb ik ook een overall tekenbevoegdheid. s-Avonds moeten we op visite bij de zusters. Bert bereidt ons geestelijk voor op een lange zit-avond in een klein bloedheet kamertje. Niets blijkt minder waar! De zusters hebben in de kamer allerlei lekkere zelfgemaakte hapjes en drankjes en een compleet warm en koud buffet opgesteld! Buiten een gezellig zitje met een grote barbecue. Het wordt een heel gezellige avond. Aan het eind van de avond zijn alle zusters opeens verdwenen. Even later komen ze achter elkaar dansend en zingend terug. We krijgen allemaal een kadootje. De dames een dienblad met onderzetters en de mannen een schilderij van bananenbladeren. Karibuni! Karibuni! Asante sana! Asante sana!

 

Mijn Keniaanse verjaardag

Vandaag ben ik jarig. Helaas, dit wordt in Kenia niet gevierd. Als ik s-morgens terugkom uit de douche, wacht mij toch nog een Hollandse verrassing. De veranda is geheel versierd met slingers en ballonnen! Om half negen gaan we naar de markt. Carmen laat zich bij de plaatselijke kapper een rasta-kapsel invlechten. Om half elf hebben we een afspraak met het Gezondheids-comite. Ook de dokter van het inentingsprogramma is aanwezig. We bespreken de resultaten en praten over gewenste vervolgacties. We zijn het erover eens dat vooral voorlichting over hygiNne en preventieve maatregelen zoals het dragen van Akala's (slippers gemaakt van autobanden) om infecties te voorkomen erg belangrijk zijn. Het idee om alle sponsorkinderen dit jaar een klamboe (tegen malaria) als kerstgift te geven wordt door het comite ondersteund. We zeggen een extra budget toe van drieduizend gulden voor het onderzoeken en behandelen van de nog niet onderzochte groep sponsorkinderen.

 

Horloges en de tijd

s-Middags gaan we met ons sponsorkind Pamella naar het ziekenhuis in Kisumu. De dokter van het inentingsprogramma is bereid om met ons mee te gaan. Hakuna Matata! Hij heeft blijkbaar de hele dag voor ons uitgetrokken. Het is niet voor niets dat men in Afrika zegt: jullie hebben de horloges, maar wij hebben de tijd! Hij vraagt ons onderweg de oren van het hoofd over Holland. In het ziekenhuis wordt er wat gesmoesd en na eerst uitgebreid zijn baas te hebben begroet kunnen we bij de specialist terecht. Er volgt eerst weer een uitgebreide introductie. Hij is erg geinteresseerd in ons project. Pamella moet de volgende dag terugkomen voor een rontgenfoto en een longonderzoek.

 

Bij Pamella thuis

Op de terugweg gaan we bij Pamella thuis op bezoek. De dokter gaat ook weer mee! We moeten een heel eind met de auto over een haast onbegaanbaar wandelpaadje. Er is hier waarschijnlijk nog nooit een auto geweest. Ze woont samen met haar oude vader in een zeer schamel hutje. Alle stoelen uit de hele buurt staan in een kring verzameld bij de hut. We moeten even zitten en kennismaken voordat we over een plat getreden paadje dwars door het maisveld naar een iets verderop gelegen grotere hut van een oom gaan. Hier hebben ze voor ons een uitgebreide maaltijd bereid. Ze vinden het een grote eer dat we op bezoek komen. Pamella is erg uitgelaten. We hadden haar geen groter plezier kunnen doen. Ik glip even naar buiten. Kinderen komen langzaam naar mij toe, ze willen graag op de foto. Achter het huis struikel ik haast over een kleine verhoging op de grond afgedekt met een oude rose doek. Als ik het doek optil ligt er een schattig klein meisje onder te slapen met een smoezelig plastic Donald Duck eendje in haar knuistjes. De kinderen lachen, ik maak een foto van ze en ga weer naar binnen. Het eten is heerlijk. Chapatties, groente en gele en witte rijst met kip. Je moet wel opletten wat je neemt, want als ik even flink in de pan roer, komt er een complete kippepoot en ook een kippekop voorbij! Via het huis van haar vader waar we uiteraard weer even moeten zitten en afscheid nemen, gaan we terug naar de auto. Het is al laat en we willen wel graag voor het donker op een begaanbare weg zijn. Als ik achteromkijk zie ik de poten van verzamelde stoelen zich weer boven het maisveld verspreiden.

 

Koetjes, kalfjes en een geit

Vandaag staat er een bezoek aan de boerderij van Peter, een ex-sponsorkind, op het programma. Zuster Thecla, Peter Owiti de voorzitter en Thomas Ngeso de secretaris van het Kizito comite vergezellen ons. Onderweg komen we langs het huis van de voorzitter en daar komen we uiteraard niet zo maar langs. Hij heeft vergeleken met de schamele hutjes waar de sponsorkinderen in wonen een groot en riant huis. Toch valt het me tegen. De van hout gevlochten muurconstructie is ook hier gewoon aangesmeerd met een soort klei en aan de binnenkant afgewerkt met gedroogde koemest. Van binnenuit kijk je tegen de hanebalken en de (luxe!) golfplaten aan. Onze kippehokken zien er beter uit. Owiti is hoofdonderwijzer op de lagere school en heeft alszodanig toch een bepaalde status. Het verschil tussen de arbeidersklasse en de middenklasse is blijkbaar toch kleiner dan ik had verwacht. We krijgen witbrood met gebakken ei en soda's. Ook volgt er weer een uitgebreide introductieronde met de nodige bijbehorende welkom-speeches. We vervolgen onze rit naar Peter.

Als we tegen de middag arriveren gaan we zijn maisveld bekijken. Het is bloedheet en we moeten een flink eind lopen. De zon brandt ongenadig fel op mijn hoofd. Zuster Thecla haakt halverwege af en gaat lekker in de schaduw van een boom zitten. De maisplanten zijn aan de onderkant al helemaal verdroogd. Als het niet snel gaat regenen is de hele oogst mislukt. Tussen de mais heeft hij nog een ander gewas geplant dat wel tegen de droogte kan, maar veel minder opbrengt. Zo heeft hij in ieder geval altijd nog iets (gelukkig ging het een paar dagen later flink regenen). Terug bij zijn huis wacht ons een uitgebreide maaltijd. Ze hebben een geit geslacht. Lek-kP-P-Pr! Uiteraard ook hier weer een uitgebreide introductie van en aan de hele familie en speeches. Na het eten vertrekken we weer. Ze vinden het bezoek veel te kort. Ze hadden graag de rest van de middag nog met ons doorgebracht pratend over koetjes en kalfjes.

 

Tussen droom en werkelijkheid

We gaan terug naar Kisumu. We moeten nog naar het ziekenhuis om de uitslag van het onderzoek van Pamella te halen. Als we aankomen is Pamella net klaar! Samen gaan we naar de specialist. Er zijn gelukkig geen ernstige afwijkingen geconstateerd. Pamella is erg opgelucht. Ze krijgt een Vitamine-B kuur voorgeschreven en wat pijnbestrijders. De specialist overhandigt mij de rekening. Ik sla haast steil achterover. Het totale bedrag voor alle onderzoeken inclusief de r`ntgenfoto bedraagt zeven gulden!! We gaan direct door naar de apotheek om de medicijnen te halen. De kosten van de medicijnen bedragen vijf gulden. Voor twaalf gulden is zij verlost van de pijn en de dagelijks kwellende angst misschien een ernstige ziekte te hebben... Het is inmiddels vijf uur en we besluiten nog even een verfrissende duik te nemen in het zwembad van het vlakbij gelegen Sunset hotel. George (de chauffeur) en Pamella gaan ook mee, ze hebben een ontzettende lol samen. Op de terugweg naar Ahero nemen we halverwege met moeite afscheid van Pamella. Ze vindt het heel erg dat we weer teruggaan. Ze heeft erg genoten van de persoonlijke aandacht die ze in haar leven zoveel tekort is gekomen. Het is alsof ik droom zegt ze...

 

Afscheid van Ahero

Vandaag reizen we al snel weer terug richting Nairobi. Japheth, Norbert, Pius en nog vele anderen zijn gekomen om ons uit te zwaaien. We nemen intensief afscheid van iedereen en uiteraard van alle zusters. Het is wel even slikken en er wordt menig traantje weggepinkt. We hebben in zo'n korte tijd ook zo intensief met elkaar opgetrokken, dat er al snel een hechte band is ontstaan. Om half negen rijden we weg voor een drie uur durende rit naar Nakuru. Ik wil nog graag genieten van de omgeving, maar onderweg slaat de vermoeidheid onverbiddelijk toe. Doodmoe van twee weken intensief reizen en vergaderen. Ook de warmte eist zijn tol. Ik probeer nog te vechten tegen de slaap maar geef me al snel over.

 

Luipaard op schoot

s-Middags gaan we naar het Lake Nakuru National Park. Er zijn daar veel impala's, bavianen, buffels, giraffen en Thomson gazelles. Boven op een hoge rotspartij zien we opvallend fel blauw gekleurde salamanders met een oranje kop. Dit in tegenstelling tot de tegen de rotsachtergrond nauwelijks zichtbare berghorax (lijkt wel op een cavia ter grootte van een dwergkonijn). We rijden richting het meer, op zoek naar een achtergebleven flamingo. Opeens meen ik in een flits de contouren van een tijgerachtig dier in een boom te zien. Voorzichtig rijden we terug. Het is echter nauwelijks te zien of het inderdaad een tijger is danwel 'gewoon' een baviaan. De vorm van een rechte naar beneden hangende staart verraadt uiteindelijk dat het iets tijgerachtigs moet zijn. We rijden in een grote boog eromheen om hem van de andere kant te benaderen. Als we stapvoets naderen staan we opeens totaal onverwachts oog in oog op een paar meter afstand met een levensgrote luipaard. Marijke slaakt van schrik een gil. Het beest staart haar recht in de ogen. Hij is prachtig bont gevlekt. Even snel als we hem zagen is hij ook weer verdwenen. Voor ons kruist een wrattenzwijn het pad. De luipaard lijkt zich van onze aanwezigheid niets aan te trekken en heeft hem blijkbaar ook in het vizier. Hij sluipt er met een grote boog omheen. Van bovenuit het busje kunnen we het jachttafereel goed volgen. We houden ons doodstil. De spanning van de jacht is haast voelbaar. Even later steekt de luipaard tien meter voor ons het pad over. Helaas zien we hem daarna niet meer terug. Wel zien we iets verderop een jong luipaard in de boom en op enige afstand ook het vrouwtje. 'Motormuis' kan zijn ogen niet geloven. In al die jaren heeft hij slechts een keer in de verte een luipaard gezien. En nu drie op slechts enkele meters afstand!
Maar ja, wie zal hem geloven....?

Het is tegen vijf uur en door de dreigende regen al erg schemerig. We rijden terug langs het Nakuru meer. Geen flamingo's maar wel veel zebra's. Ik had ze hier niet verwacht, maar ze misstaan hier zeker niet op het grijze strand met de witte zoutstrepen van het meer. Terug in de stad Nakuru begint het te stortregenen. We gaan naar het hotel en doen nog wat inkopen voor thuis. Daarna gaan we eten in het Shirikich hotel. We hebben uitzicht op een rotonde met een tankstation. Het is een bekende stopplaats voor matatu's en coast-to-coast busjes. Ze vliegen in EEn ruk dwars door Kenia van oost naar west. Je kunt merken dat je weer in een stad bent. Straatventers proberen je op een opdringerige manier van alles aan te praten. Straatkinderen bedelen om geld en maken zich in de portieken op voor de nacht, snuivend aan een tube lijm. Een intriest gezicht. Je voelt je machteloos, je zou zo graag wat voor ze willen doen.

 

Bomas of Kenia

Vandaag gaan we terug naar Nairobi. Na eerst nog wat souvenirs te hebben gekocht en een grote mand om alles in te verzenden. Het is een mooie rit langs een paar grote meren. Onderweg zien we veel zebra's. We naderen Naivasha en klimmen naar een hoogte van drieduizend meter. Als we uitstappen is het erg fris. We hebben een prachtig uitzicht over het Naivasha meer. Bij de uitkijkposten zijn ook weer veel souvenirs te koop. De prijzen zijn er erg hoog. Als je de helft biedt klagen ze steen en been (you are killing me), maar uiteindelijk ben je wel koopman. Te duur dus!? Om half EEn komen we in Nairobi aan. Eerst op zoek naar een hotel. Bert en Marijke herinneren zich van de vorige keer nog een goed en relatief goedkoop hotel: Impala. Inmiddels hebben ze de tarieven verdriedubbeld! George weet nog wel een goed hotelletje: Red Bird Inn. Het ligt wat achteraf, maar is nieuw en nog vrij onbekend. Daardoor zijn de tarieven nog erg laag (tien gulden voor een 2-persoons kamer). Het ziet er keurig uit en ze doen hun uiterste best om het ons zo goed mogelijk naar ons zin te maken. Om twee uur hebben we met Japheth Mitugo afgesproken bij de ingang van de Bomas of Kenia. De Bomas is een openlucht museum met traditionele Keniaanse hutten. Ook is er een anderhalf uur durende dans, zang en acrobatisch optreden van een dansgroep met allerlei traditionele dansen van verschillende stammen. De broer van Japheth danst al vijftien jaar bij deze groep. Ze treden op over de hele wereld. Na afloop moeten we beslist even bij zijn broer op visite. Alle dansers wonen op het terrein van de Bomas. Hij woont samen met zijn vrouw en twee kinderen in een kamertje van plusminus vier bij drie meter, met bed, bankstel en een TV! Zijn vrouw maakt zelf sieraden en verkoopt deze aan de touristen. De dames krijgen een paar oorbellen. Bert en ik een koord met een kamelentand. We kopen nog wat kralen en een paar zelfgemaakte dwarsfluiten. 's-Avonds eten we samen met Japheth in het hotel. Ook Leo (onze accountant) komt op bezoek en eet mee. Na het eten praten we met Japheth nog wat na over de projecten en de ondersteuning van vrouwengroepen in Meru. Daarna gaan we naar bed voor alweer onze laatste nacht in Kenia. Wij horen Japheth nog lange tijd dankbaar gebruik maken van de douche van het hotel...

 

Kwaheri Kenia (Tot ziens)

Vandaag vliegen Jokeline, Marieke en ik weer terug. Bert, Marijke en Carmen gaan nog een week naar Uganda. We nemen afscheid van onze reisgenoten, George en Japheth. Bij het inchecken hebben we 24 kilo te veel bagage (steen). Uiteindelijk mogen we 13 kilo teveel meenemen. EJn tas moeten we achterlaten. Het vliegtuig vertrekt precies op tijd! Beneden lijkt het mooi helder weer, maar eenmaal boven in de lucht is het geheel bewolkt en zien we dus geen fluit. Het vliegtuig, een DC10 van Sabena is voor tachtig procent leeg! Alle mogelijkheid om je benen te strekken of zelfs languit over vier stoelen heen te gaan slapen. Het is een lange saaie vlucht. Eindelijk rust na drie drukke overvolle weken. Toch heb ik geen rust, ik wil nu zo snel mogelijk naar huis...

 

Naschrift

Ik hoop dat het niet een te lang verslag is geworden. Er is nog zo ontzettend veel wat ik niet heb verteld! Ik heb nu zelf een stukje Afrika mogen zien en heb het gevoel dat ik nu pas voor het eerst ook mijn eigen land goed zie. Veel dank zijn wij verschuldigd aan allen die ons op welke manier dan ook hebben geholpen, om deze reis te kunnen maken. We zijn drie weken heen en weer geslingerd tussen uitersten. Bewondering en verwondering, rijkdom en armoede, vrolijkheid en verdriet. Boven alles zijn wij extra doordrongen geraakt van de onschatbare waarde van sponsoring en projecthulp voor deze kansarme kinderen. Ook de inzet en het enthousiasme van alle betrokken vrijwilligers in Kenia is voor ons een extra stimulans.

Zij hebben zo weinig en gaven ons zo veel, wij hebben zo ontzettend veel en geven nog zo weinig...